Pagina's

donderdag 31 januari 2013

Wensenupdate Januari

De eerste maand van mijn jubeljaar zit er op. Ik heb een aantal wensen uitgevoerd en ik moet zeggen dat ik het heel erg leuk vind om op deze manier bezig te zijn. Steeds even lezen wat ik ook allemaal weer wilde en dan daarmee aan de slag gaan. Even binnenlopen bij een tapijtwinkel voor het halletje, even door wat boeken neuzen om te kijken naar ideeën voor kapstokken, Youtube afstruinen over de geschiedenis van de VS. En de wensenlijst is met een onderwerp gegroeid: zonnecellen. Gelukkig bleek dat ik de mindful  movements twee keer had opgenomen. Er is nog plek op wens nummer 11. Goed, terug naar de lijst. Dit is mijn eerste overzicht:

Wens 1: Het artikel voor de historische vereniging
Het is redelijk ver gevorderd. Ik schreef er een blogje over. Dit weekend ga ik er verder mee. Dat is wel nodig als ik het op tijd verzonden wil hebben.

Wens 5: Mindful movements
Ik ben nooit zo van het bewegen geweest, dus dit kost me nog wel wat moeite. Het is me maar een paar keer gelukt deze maand. Helaas. Ik ben wel van plan om het vol te houden. Wie weet wordt het een gewoonte. 

Wens 7: De roman in januari
Dit werd De donkere kamer van Damokles. Ik heb het boek nooit gelezen omdat ik een aversie heb tegen literatuur over de Tweede Wereldoorlog. Nu lezen we klassiekers met de leesclub en moet ik er aan geloven. Ik vond het een uit de hand gelopen jongensboek toen ik las, maar bleef er toch mee bezig toen ik het eenmaal uit had. Ik ga toch wat boekverslagen lezen. Het is echt een boekenlijstboek, dus er zullen voldoende samenvattingen op Internet staan. In februari is de leesclub, dan kom ik beslagen ten ijs.
Ik las nog een roman: The Perks of being a Wallflower. Mijn nichtje heeft het aan me uitgeleend. Ze vond dat de sfeer overeenstemde met die uit een ander boek dat wij allebei erg mooi vonden: Extremely loud and incredibly close. De sfeer is inderdaad gelijk, maar het boek heeft iets van een kinderboek. Toch heb ik het geboeid gelezen. Er schijnt een film van het boek te zijn met Emma Watson. Toch eens kijken bij de bibliotheek. Tenslotte las ik nog het boek De woonschool, een volgende uitgave in de serie over sociale experimenten. Een mooi boek in de rij van Het pauperparadijs en De proefkolonie. Het was een goede leesmaand. En het volgende boek ligt al klaar: een roman over een vermeende liefde van Jane Austen. 

Wens 9: Retraite
Heb me ingeschreven op een weekend over compassie bij het Vipassanacentrum in Groningen. Het wordt een weekend in maart. Later meer dus.

Wens 10: Mettameditatie
Ik ben begonnen in het boek Liefdevolle vriendelijkheid van Sharon Salzberg. Ik schreef er al een stukje over. Het boek heeft 11 hoofdstukken. Mooi om elke maand een hoofdstuk te lezen en toe te passen. Deze maand was het vriendelijkheid voor mezelf. Dat ging reuze aardig. 

Wens 12: Vrijwilligerswerk
Intussen ben ik vrijwillig winkeljuffrouw. Ik schreef er al iets over en zal dat vast nog wel een keer doen. Terre des hommes is een goede organisatie. Fijn om daar voor te werken.

Wens 13: Goed doel van deze maand
SOS kinderdorpen kreeg geld van mij deze maand. Ik schreef daar al eerder een toelichting op.

Wens 15: Leesproject founding fathers
Van de bibliotheek heb ik twee boeken gehaald. Een geschiedenis van de Verenigde Staten en een boek met de titel Founding Brothers. Ik ben begonnen in het eerste boek. Het leest als een trein en is bijzonder informatief. Toen ik de titel Founding Brothers had gevonden, dacht ik dat het genoeg zou zijn om dat boek te lezen, maar het bevat veel roddels, zo lijkt het. Ik zal zien.

Wens 16: De Vietnamees
Dit is een Indisch restaurant geworden en het was een prima vervulling van deze wens. Ik heb hier al eerder over geblogd.

Wens 17: Naar Borkum
Dat wordt een dagje Drenthe. Mijn twee vriendinnen hebben daar een voorkeur voor. Ik vind het prima. Het zal ergens in april of mei worden, want het moet wel goed weer zijn.

Wens 18: Oerol
Het huisje is geboekt. De rest komt nog wel. Deze wens komt later weer terug.

Wens 22 & 23 Concerten
Begin februari is het concert met Geert Mak. Ik ga er waarschijnlijk heen met een vriendin. 

Wens 42:
De tentoonstelling Nordic Art heb ik intussen gezien en ik heb er een blogje over geschreven.

Wens 43: Minder met de auto
Twee maandagen thuis werken is gelukt. Het is nog niet genoeg, maar het begin is er.

Wens 48: Iedere maand een nieuw recept
In de Allerhande stond een recept met bieten en tuinbonen. Nu houd ik van beide groenten, dus leek het me goed om die uit te proberen in een combinatie. Het was geen succes. Ik vond het gerecht absoluut niet lekker. Geprobeerd en afgewezen dus.....

Wens 50: Gang welkom maken
De onderste delen van de muur zijn opnieuw geverfd in een lichtere, warmere kleur. Het gordijn is klaar, maar nog niet opgehangen. Ik ben nu bezig met een zoektocht naar een goede mat. De prijzen lopen uiteen van 30,- tot 270,- op dit moment. Ik denk er nog even over na. Verder heb ik via via een prikbord gevonden dat ik als basis kan gebruiken voor mijn welkom-thuis-prikbord. Mijn plannen voor de kapstok veranderen steeds. Het zal dus nog wel even duren tot de hal echt helemaal klaar is, maar het begin is er.

En extra: Ineens was daar het koor. Verrassend en fijn. Zingen is toch wel heerlijk. Ik ben blij dat ik het weer doe. 

Al met al was januari een fijne maand. Koud, dat was soms wat minder, maar mooi wit van de sneeuw. Ik vind het nog wat vroeg om allerlei verstandige dingen te zeggen over het goede leven. Daarvoor schrijf ik nog te kort. Eerst maar eens een kwartaal laten passeren en dan zien of er lijnen te ontdekken zijn. Februari is niet mijn favoriete maand. Een beetje niksig, net als november. Ik ga er extra op letten dat het een mooie maand wordt.

dinsdag 29 januari 2013

Cottagewinter (vervolg)

In mijn vorige blogje over de cottagewinter scheeft ik dat de warme dagen van begin januari mijn groentenopslag niet echt goed had gedaan. Ik moest aan de groenten gaan inmaken. De natuur gaf gelijk antwoord: het begon te vriezen. Dat had weer een heel eigen uitwerking op de groenten.

Bevroren worteltjes zien er vreemd uit: alsof het vocht uit de worteltjes naar buiten vriest. Dat gebeurt in spleetjes overdwars. Het lijkt alsof de wortelen vele ogen hebben. Ik schrok er een beetje van, maar heb toen alle bevroren groenten in de gootsteen gelegd met koud water. De groenten ontdooien prima, dus maakte ik het oud-groninger recept van worteltjes in azijn, suiker, peper, mierikswortel en dille. Het moet nog 6 weken staan, daarna kan ik het proeven.  

Gelukkig waren de wortelen, toen ze ontdooid waren, nog prima te eten. Ik deed ze door een risotto met lekker veel dille. Bevroren bieten kunnen ook gewoon nog gekookt, smaakten me prima, zowel warm als later koud in een salade. De bevroren pastinaken werden een lekkere soep, de peterseliewortel ging in de stamppot, samen met de helft van de knolselderij. En van de andere helft van de knol maakte is een salade. Ik had verwacht dat ik groenten moest weggooien. Gelukkig was het niet nodig. Ze doen het natuurlijk goed als compost, maar ik eet ze liever op.... 

zondag 27 januari 2013

Noords fin de siecle

Vanmiddag besloot ik om naar het Groninger Museum te gaan, naar de tentoonstelling Nordic Art. Het was een typische museummiddag, druilerig en koud. Dat vonden meer mensen: het was druk.

Als ik mijn jas, mijn sjaal en mijn hoedje heb afgegeven, ga ik de wenteltrap af naar de tentoonstelling. Er is een audioguide bij de tentoonstelling, die ik bij de balie ophaal. Bij een aantal schilderijen is muziek geschreven. Dat geeft het verhaal een extra tintje.

De tentoonstelling begint in een licht gele zaal. Rechts hangt een bijzonder schilderij: vier schilderijen van vogels tussen het gras in één lijst van hout met een ruwe uitstraling, maar wel goud geschilderd. In de volgende zaal hangen landschappen. Verheerlijking van de omgeving als onderstreping van de nationale identiteit. Mijn voorkeur hier gaat uit naar een klein bloemenschilderijtje: de fijne waterranonkel. Links voor zijn de bloempjes geschilderd in het water dat door een beekje stoomt. Rechts boven is de overkant van het beekje te zien. Dat houdt het beeld in evenwicht.

Verderop is een mooi beeld van spelende jongetjes in het water. De guide vertelt dat er een relatie is tussen de speelgoedbootjes en de stoomboten op de achtergrond: beelden van de modernisering, beelden van de toekomst. Die modernisering had ook z'n schaduwzijde. Daar is veel aandacht voor, de sociale ongelijkheid, het lijden van de armen. Eén schilder vertelde in een aantal schilderijen het verhaal van een tot prostitutie vervallen naaistertje. Zijn werk leidde tot een schandaal. Niet iedereen wilde de ellende zien, maar het verzet hoort bij het fin de siecle van de negentiende naar de twintigste eeuw.

De stijlen zijn herkenbaar. Iedere zaal heeft een verrassing, een schilderij dat zich naar me toe trekt. Een blind meisje in jugendstil-stijl, landschappen die overduidelijk Ijslands zijn, een schilderij in korenaren in relief. Het 'slotstuk' van de tentoonstelling is een schilderij van en berglandschap dat niet omlijst is, maar een lijst heeft, die het verhaal verder vertelt. Dat is kunst die mij het meest aanspreekt.

Het mooie aan het Groninger Museum vind ik, zijn de kleurige wanden. Dat geeft een heel eigen effect op de schilderijen. Ik vond niet alle kleuren goed gekozen, maar de schilderijen kwamen heel goed uit tegen de lichtere wanden. Toen ik een aantal schilderijen later op een ansichtkaart zag, leken ze veel fletser, omdat de achtergrond wit was. In het paviljoen, waar nu een collectie hangt van een verzamelaar uit Appingedam, zijn de kleuren van de muren gedekt. Een leverkleur of matgroen. Dat werkt daar heel goed met het soort werken dat geëxposeerd wordt.

Ik heb een fijne middag gehad in het museum. Ik sloot af met een glaasje rode (biologische) wijn in het café. Het wat een goed voornemen dit museumbezoek (het was wens nr. 42) Genieten van schoonheid is van belang voor een goed leven, voor een goed jubeljaar. 

vrijdag 25 januari 2013

Winterpracht

Ik houd niet zo van kou. En ook niet van auto rijden in de sneeuw. Toch heeft het koude weer voordelen: het  is mooi buiten. De afgelopen dagen heb ik daar erg van genoten. 

Het landschap was oogverblindend wit in de stralende zon. De sneeuw nog bijna onaangetast. Achterin het veld staan een paar reeën en vooraan zit een groepje ganzen. De sneeuw schittert op de takken van de bomen.
Een andere keer: de zon gaat onder en het is een beetje mistig. Het is een uitzicht in poederkleuren in een donkere variant van de regenboog. Ik heb het idee dat ik een schilderij van Odilon Redon tegemoet rijd.

In de ochtend is het mistig wit. De bomen hebben een grijs profiel tegen die zachte achtergrond. De zon staat als een gloeilamp in de lucht, afgeschermd door de waas van de mist. Ik vraag me af of het in andere seizoenen ook zo bijzonder mooi kan zijn. Behalve het wolkengordijn van een tijd geleden kan ik me daar niet veel van herinneren. Ik ga er op letten, want dit is goed om naar te kijken.

De afbeelding van het schilderij van Odilon Redon komt van Pinterest

woensdag 23 januari 2013

Een verhaal van mijn vader

Als klein jongetje woonde mijn vader in het centrum van Den Haag. Hij vertelde ooit dat hij door een agent werd 'opgepakt' toen hij speelde bij de visbanken. Zij ouders hadden een viswinkel in de Schoolstraat, waar nu een shoarmazaak is. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog werd het steeds moeilijker om in Den Haag aan voedsel te komen. Een broer van mijn grootvader vond een plek voor de drie oudste kinderen in Siddeburen in Groningen. Daar brachten ze de hongerwinter door.
Het middelste kind is mijn vader

Mijn vader leeft niet meer. Vandaag is het tien jaar geleden dat hij overleed. Hij sprak weinig over de tijd in Siddeburen, maar wat hij vertelde klonk idyllisch, één groot spel. We gingen later als gezin ook jaarlijks op bezoek bij zijn 'oorlogsmoeder', die we tante Hennie uit Siddeburen noemden. Hij is haar altijd trouw gebleven. 

Een paar jaar na het overlijden van mijn vader, maakte ik kennis met een aantal bestuursleden van de historische vereniging uit Siddeburen. Toen ze mijn naam hoorden, vroegen ze of ik misschien familie was van de twee jongetjes die in de oorlog hun speelkameraadjes waren geweest. Ik vertelde hen van een paar brieven die ik in zijn nalatenschap had gevonden en beloofde een artikel te schrijven voor hun historisch tijdschrift Bie 't Schild.

Om aan wat meer informatie te komen, kon ik contact zoeken met de tante en oom die met mijn vader in Siddeburen waren. Zij leven allebei nog. Een tijd geleden kreeg ik al een brief van mijn tante, waarin zij haar herinneringen vertelde. Zij stuurde ook kopieën van een paar brieven die zij in haar bezit had.

Nu ik het artikel echt wil in leveren, heb ik ook contact gezocht met mijn oom. Hij woont in al jaren in de Verenigde Staten. Binnen een paar dagen had ik antwoord: een lange mail vol herinneringen. Het eerste dat mij opviel, was de toon in zijn antwoord-mail. Precies de toon van mijn grootmoeder. Het is toch reuze leuk om te zien hoe bepaalde eigenschappen door de generaties gaan. Mijn oom is lang geleden weg gegaan. Hij spreekt nu dagelijks engels. Zijn Nederlands is ook echt het Nederlands van vroeger, de taal van mijn grootmoeder dus. Het is leuk om zo aan mijn grootmoeder herinnerd te worden. Ze was een lieve vrouw en ik was dol op haar. 

Omdat het een oorlogsverhaal is, zal het artikel wel een plaatsje krijgen in het nummer dat in het voorjaar uit komt. Meestal doen historische verenigingen dat omdat 4 en 5 mei zo ook aandacht krijgen. Ik ga het zo snel mogelijk afronden en opsturen. De redactie kan dan rustig bezien of ze het ook echt wil opnemen in het blad. Misschien moet ik er nog iets aan veranderen. Daar is dan nog voldoende tijd voor. Intussen kan ik dan verder met het volgende artikel, met de volgende wens dus.

dinsdag 22 januari 2013

Het is wat het is

Voor mijn onderzoek naar de mettameditatie (wens 5 van dit jaar) lees ik een boek van Sharon Salzberg: Liefdevolle vriendelijkheid; een ander perspectief op geluk. In het hoofdstuk 1 las ik de volgende stukken:

De grondslag van de psychologische leer van de Boeddha is dat al ons pogen om te beheersen wat in wezen onbeheersbaar is, niet de veiligheid, zekerheid en het geluk kunnen opleveren dat we zoeken. De misleidende speurtocht naar geluk brengt onszelf alleen maar leed toe. Bij ons verwoede zoeken naar iets dat onze dorst kan lessen, zien we het water dat ons omringt over het hoofd en jagen we onszelf op de vlucht voor ons eigen leven.

We  kunnen zoeken naar dingen die bestendig, onveranderlijk en veilig zijn, maar als we ons daar meer bewust van worden laat het ons zien dat zo'n zoektocht geen kans van slagen heeft. Alles in het leven verandert. De weg naar werkelijk geluk is er één die alle aspecten van onze ervaring aanvaardt en tot één geheel maakt. Het taoïstisch yin/yang teken[...] is het symbool van deze integratie. Midden in het donkere deel is een licht puntje en midden in het lichte deel een donkere stip. 

Zelfs in de diepste duisternis is licht besloten. Zelfs in het hart van lichte wordt duister beseft, erkend en opgenomen. Als dingen niet zo goed gaan in ons leven en we pijn lijden, raken we niet verslagen door de pijn of blind voor de lichtpuntjes. Als dingen goed gaan en we gelukkig zijn, proberen we niet uit afweer de mogelijkheid van leed te ontkennen. Deze eenheid, deze integratie komt tot stand omdat we op een diepe manier lichte en donker aanvaarden daarom in staat zijn in beide tegelijk te zijn. 

De teksten houden me bezig. Ik heb er nog geen afgerond beeld over, maar dit zijn mijn eerste gedachten.

De natuurlijke reactie van mensen is dat ze terugschrikken voor pijn. Het logische gevolg is dat mensen zich verzetten tegen pijn. Deze natuurlijke reactie heeft in de geschiedenis ook geleid tot prachtige uitvindingen die het leven vergemakkelijken en zelfs verlengen, van vuur tegen de kou tot pijnstillers en chemokuren.

De les die uit de tekst spreekt, is dat er behalve natuurlijke reacties nog wat te leren is. Eerste reacties zijn niet perse zaligmakend. Verzet tegen pijn helpt niet altijd. Door onafhankelijker te worden van de gebeurtenissen om je heen, kun je vrediger leven en daarmee het geluk bereiken. Dat zou een goed leven kunnen zijn.

Ik heb veel tijd besteed aan het verwerken van mijn verleden en aan gedachten hoe het allemaal anders zou moeten. Ergens zat daar altijd het idee achter dat ik, als ik 'alles' verwerkt had, het leven 'aan' zou kunnen en in een soort hemelse gemoedsrust zou komen. Alles onder controle. Dat blijkt niet zo te zijn. Mijn leven is een stuk vrediger geworden, maar er zijn zo nu en dan nog steeds zorgen, teleurstellingen en verdriet. Het verschil is dat ik me er niet meer tegen probeer te verzetten, probeer te accepteren dat ik bezorgd ben of pijn heb. 

Eerlijkheid daarover brengt mensen dichterbij. Eerlijkheid van anderen nodigt mij uit om eerlijk te zijn over mezelf. Het wordt makkelijker om te zeggen dat ik verdriet heb of dingen moeilijk vind. Dat ik plannen heb, maar soms te moe ben om ze uit te voeren. Dat ik me zorgen maak over mijn toekomst. De verbinding die dat geeft is verrijkend. Er is niets veranderd aan het verdriet of de zorgen en dat hoeft ook niet. De verbinding is het lichtpuntje in het zwarte vlak van het yin/yang teken. Verdriet gaat vanzelf weer over, is mijn ervaring. Als het zorgt voor verbinding, is het net zo goed een belangrijk onderdeel van het goede leven als plezier. 

maandag 21 januari 2013

Vogels tellen

Het was het weekend van de tuinvogeltelling. Ik heb maar eens meegedaan. Terwijl ik zat te lezen bij de kachel (De donkere kamer van Damokles moet een keer uit) keek is zo nu en dan de tuin in. Naast me lag een blokje met de namen van de vogels. Er waren meer vogels dan ik gedacht had en ze leken wel met vlagen te komen. Ik had gezorgd voor stukjes appel, havermout, pinda's en vetbollen. Dat maakte nog wel wat uit, denk ik, bij dit koude weer.

Je mag alleen een aantal vogels van één soort opgeven dat je in één keer tegelijk ziet. Anders zou je vogels dubbel kunnen tellen. Ik denk dat er sowieso vogels dubbel in de telling komen. Als mijn buren ook tellen, nemen die naar alle waarschijnlijkheid dezelfde vogels in hun telling op. Ze zullen er wel iets op bedacht hebben bij de Vogelbescherming.

Dit was mijn oogst:- Drie merels (twee vrouwtjes en één mannetje dat steeds werd weggejaagd)
- Twee houtduiven
- Vier heggemussen
- Eén roodborst
- Twee pimpelmezen
- Eén vink
- Eén groenling en
- Vier koolmezen

Het is eigenlijk heel leuk om naar de vogels in de tuin te kijken. Hoe ze scharrelen tussen de bladeren die ik in de borders heb gegooid. Hoe ze appel na appel leeg pikken. Hoe ze heen en weer schieten tussen de schutting en de pergola of hangen aan een bloemstengel die vervaarlijk doorbuigt. Een mooie afwisseling met de avonturen van Osewoudt en/of Dorbeck, die levendigheid in mijn tuin.

En dit is de uitslag

zondag 20 januari 2013

Een gedeelde zaterdag

De derde zaterdag van de maand is sanghazaterdag. Iedere januari doen we de ceremonie van beginning anew. Een moment om binnen de Sangha elkaar te vertellen wat waarderen, waar we spijt van hebben en wat ons pijn heeft gedaan. Zo kunnen we als gemeenschap schoon schip maken voor het nieuwe jaar. Dit keer lazen we een prachtige inspirerende tekst aan het begin van de ochtend:

We komen terug om in het prachtige heden te leven,
om goede zaden in de tuin van ons hart te zaaien, 
en sterke fundamenten te bouwen voor liefde en begrip.
We beloven onszelf te trainen in bewuste aandacht en concentratie,
te oefenen in diepgaand onderzoeken en begrijpen
om in staat te zijn de ware aard van alles wat is te zien, 
en zo vrij te worden van de ketens van geboorte en door.
We leren liefdevol te spreken, hartelijk te zijn, 
voor anderen te zorgen of het nu ochtend is of avond,
om de zaden van vreugde naar vele plaatsen te brengen,
mensen te helpen hun zorgen achter zich te laten,
en met diepe dankbaarheid te reageren opde vriendelijkheid van ouders, leraren en vrienden.
In diep vertrouwen steken we de wierook van ons hart aan.
We vragen de Heer van Mededogen onze beschermheer te zijn 
op de prachtige weg van de oefening.
We beloven met toewijding te oefenen, 
waardoor de vruchten zullen toenemen.

Dat zijn pas goede voornemens. De ochtend was vol plezier, mooie gedachten, oprechtheid en warmte. Ik vond het jammer dat ik eerder weg moest. Maar mijn eerste middag in de winkel van Terre des Hommes stond op het programma. Ik had me vergist in de tijd. Ik dacht dat ik kwart voor één aanwezig moest zijn, maar de bleek kwart over één te zijn. Dat komt me eigenlijk ook beter uit. Ik combineer de Sangha met het vrijwilligerswerk en het leek er op dat ik de zaterdagen zou moeten haasten. Nu kan ik rustig afscheid nemen bij de Sangha en daarna naar de winkel fietsen. Ik moest nog even een broodje kopen voor mijn lunch, en daar had ik mooi de tijd voor. 

Het was een gezellige drukte. Er werden boeken gesjouwd, serviezen gewassen en overal liepen mensen heen en weer. De plaatselijke sportclub kwam het oud papier halen (lees: de boeken die niet verkoopbaar zijn) en de sjouwers dronken snel even een kop koffie die voor hen was klaargezet. Tussen de bedrijven door kreeg ik mijn instructie van de lichtknoppen, de meterkast, de sleutels, de kassa en het koffiezetapparaat. Toen dat achter de rug was, nam ik mijn plek in in de winkel. 

Het is leuk werk. De spulletjes een beetje netjes houden, kleding weer op kleur hangen en netjes op de haakjes, boeken recht zetten, praatje met de klanten, spullen in ontvangst nemen en natuurlijk, heel belangrijk, dingen verkopen. Ik kocht ook nog iets voor mezelf: een Mexx blouse, een trui (het was wel wat koud in de winkel) en een cadeautje voor iemand die binnenkort jarig is. Ik had een leuke middag. Het is een gezellige manier om bij te dragen aan het leven van anderen, kinderen in dit geval. De winkel haalt toch bijna € 1.000,00 per week binnen voor de Terre des Hommes projecten. Dat is zeker de moeite waard. Volgende week weer....

donderdag 17 januari 2013

Stoofvlees I

Een tijd geleden schreef ik dat ik zo nu en dan zin heb in stoofvlees. Gisteren was zo'n dag. Ik had zin in Babi Ketjap. Het is een heel eenvoudig gerecht en erg lekker.

Ik nam 300 gram hamlappen (met keurmerk van de dierenbescherming natuurlijk) die ik in blokjes sneed. Ik snipperde een ui en pelde een knoflookteen. De hamlappen bakte ik in olie tot ze dichtgeschroeid waren. Daarna gingen de stukjes ui erbij en perste ik de knoflook er boven uit. Toen de ui glazig was voegde ik een schepje gemberpoeder, een theelepel sambal badjak en vier eetlepels ketjap manis toe. Daarna deed ik zoveel (kokend) water bij het vlees, dat er niets meer boven het water lag. Dit bracht ik aan de kook en liet het een tijdje pruttelen. Daarna ging de pan in een deken om het vlees verder te laten garen. Ik maak dit in een gietijzeren pad. Die wordt goed heet, en blijft dat ook een tijdje. Volgens de beroemde Beb Vuyk moet er nog azijn, gembersiroop en bakgember door de saus. Voor mij is het zo lekker genoeg.

Ik sneed komkommer (biologische komkommer is zo lekker, daar hoef je verder niets mee te doen) en kookte er rijst bij. Ik heb rijst leren koken van de buurvrouw van mijn ouders. Mevrouw Lien noemden we haar. Ze was een Indische Nederlandse die na de Tweede wereldoorlog Indonesië had moeten verlaten. Vermoedelijk had zij het koken van rijst weer van 'kokkie' geleerd, zoals zij daar over sprak. Je doet de rijst in de pan en voegt water toe tot één vingerkootje onder staat. Dan breng je het water aan de kook en laat je het heel zachtjes droog koken. Als het goed is, hoef je niets meer af te gieten.

Er is ook een heerlijke vegetarische ketjapschotel. Broccoli, spercieboontjes en cashewnoten in ketjapsaus. Voor de saus bak ik een gesnipperde ui glazig met een uitgeperste teen knoflook. Daaraan voeg ik (net als bij de Babi Ketjap) gemberpoeder, sambal, ketjap en een ruime deciliter water toe. Bij deze saus, die zoetzuur moet zijn, hoort ook nog wat suiker en een scheutje azijn. De saus laat ik pruttelen terwijl ik een een paar minuten de groenten gaar kook. Ik doe de gare groenten met ongezouten cashewnoten bij de ketjapsaus en laat alles even 'trouwen'. Ik eet het meestal met rijst, soms met Chinese mie.

Het Nieuwe Werken en het milieu

Een aantal wensen op mijn lijst heeft te maken met mijn EVA, mijn ecologische voetafdruk. Die moet kleiner. Dat vind ik al jaren en steeds haal ik er een stukje van af. Ik ben kleiner gaan wonen, kweek zelf groenten, eet nauwelijks vlees of vis, ben voorzichtig met water en gas en ik maak mijn eigen wasmiddel om maar een paar dingen te noemen. De grootste boosdoener in dit verhaal is mijn auto of, beter gezegd, ben ik in mijn auto.

Daarom is het voor dit jaar mijn wens (nummer 43) om minder auto te rijden. Ik wil 4 dagen per maand, of 1 dag per week thuis gaan werken. Vorige week ben ik naar mijn manager gegaan om haar instemming te vragen. Nu het managementteam van plan is om Het Nieuwe Werken in te voeren, had ik een aanleiding om eens te vragen of ik thuis mocht werken. We hebben nu de afspraak dat ik het eerste kwartaal een paar dagen thuis kan werken, om te beoordelen of het in mijn functie past.

Ik moet vaak rapporten lezen en adviezen schrijven. Een deel van dat werk kan ik daarom eenvoudig thuis doen. Een paar dagen per maand is wat mij betreft ook wel genoeg. Ik wil toch ook graag mijn collega's zien. Volgens mij is één van de nadelen van Het Nieuwe Werken juist dat het onderlinge contact minder wordt. Dat lijk mij toch onprettig.

Afgelopen maandag was mijn eerste thuiswerkdag. Het was ideaal om gedachten eens flink de vrije loop te laten naar aanleiding van de rapporten die ik meegenomen had om te lezen, vragen en plannen op te schrijven en alles daarna te ordenen. En dan is het natuurlijk heerlijk om even rustig bij de kachel mijn middagboterham te eten. Ik at overigens niet alleen: een merel had de appels en havermout op mijn terras ontdekt. Als ik op mijn werk ben, ga ik altijd even naar buiten in de middagpauze om een fris hoofd te krijgen. Hier kon ik mooi het nuttige met het aangename combineren. Er moest nog een vuilniszak naar de container en de ruitenwisservloeistof moest worden bijgevuld. Twee buitenklusjes en een frisse neus en daarna, met een warme pot thee naast me, weer aan de slag.

Nu is het natuurlijk de vraag wat het scheelt als ik één dag in de week niet met de auto rijd. Daar ben ik eens even voor gaan zitten.  Ik weet niet hoe je uitstoot van fijnstof moet berekenen, maar ik kan wel bepalen hoeveel minder diesel ik gebruik. De rit heen en terug is samen 90 kilometer. Mijn auto rijdt 22 kilometer op 1 liter diesel. Dat betekent dat ik 4,09 liter diesel per keer uitspaar. Ik werk 48 weken per jaar. Dat betekent dat ik 196,32 liter minder diesel gebruik op jaarbasis. Het is misschien een kleine bijdrage, maar het is toch iets.

maandag 14 januari 2013

Cottagewinter

Afgelopen weekend maakte ik voor mijn lunch een kleine salade met een gekookt bietje dat ik nog in de koelkast had liggen. Daarvoor raspte ik het bietje en mengde het met wat zure room, mosterd en mierikswortel. Voor de laatste moest ik naar het schuurtje. Daar bewaar ik mijn groenten die ik in de Noordoostpolder kocht. De warmte heeft de groente niet echt goed gedaan. Een paar wortels zijn uitgelopen, de pastinaken zijn wat slap en één pompoen was gaan schimmelen.

Ik zal dus aan de slag moeten om te zorgen dat het niet bederft of al te erg gaat uitlopen. Gelukkig is het nu wat kouder. Vanavond maak ik pompoensoep en ik zal de komende tijd alleen nog uit de schuur eten. De warme winter heeft me dus dicht bij het cottageleven gebracht: eten wat er is en proberen te voorkomen dat er iets verloren gaat.

Het wordt rode koolschotel met een aardappel-pastinaakpuree, risotto met. regenboogwortel en ik ga de bieten tarte tatin van River Cottage uitproberen. Ik zal ook moeten zoeken naar recepten om de bieten te bewaren door  in te maken, want ik heb nog vrij veel. Ik kan nog wat inmaken in zoetzuur. In één van mijn boekjes over inmaken staat een recept. En dan is er nog borscht, Russische bietensoep. Onlangs vond ik ook een recept van wortels op zoetzuur. Een 18e eeuws Gronings gerecht. Volgens mij moet dat heel leuk zijn met de regenboogwortel. Hopelijk houd ik zo alles toch eetbaar en goed.

zaterdag 12 januari 2013

Zonnige zaterdag

Wat is het toch heerlijk om te kunnen genieten van een dag vol licht, wakker te worden met uitzicht op een blauwe, heldere lucht. Glimlachen, opgelucht glimlachen omdat na dagen regen de zon zich weer laat zien. Nog even soezen in bed en dan langzaam opstaan en de dag aankijken met een kopje thee en een broodje honing. De ochtend sukkelde voorbij vandaag. 

's Middags had ik een afspraak bij de winkel van Terre des Hommes. Er zijn daar vrijwilligers nodig en het leek mij een goede invulling van mijn tijd. Ik fietste door de tintelkou naar de winkel. Toen ik mijn fiets op slot zette en opkeek, had ik oogcontact met iemand. Het duurde even voor ik haar herkende, maar we zeiden bijna tegelijk: 'ik ken jou van het zingen!' Ze vertelde me dat ze afgelopen week nog aan me had gedacht. Er is een sopraan nodig in een koor en ze dacht dat mijn stem daar goed bij zou passen. Een mooi toeval dat we elkaar vandaag tegen kwamen! Ik gaf haar mijn telefoonnummer en we spraken af dat ze me aan het einde van de middag zou bellen. Dat deed ze inderdaad. De dirigente van het koor is ooit mijn zanglerares geweest. Ze weet dus wat ik kan. Als zij het zag zitten, zou ik mee kunnen doen. En dat was het geval. Zondagavond om 19.45 is mijn eerste repetitie. Wat een verrassing!

Mijn afspraak bij Terre des Hommes verliep prima. Ik kan volgende week beginnen met mijn introductie van 8 dagdelen. Daarna heb ik een proeftijd van drie maanden. We kijken of de samenwerking naar wens is. De winkel is niet heel groot. Daardoor wordt er vooral kleingoed verkocht: kleding, servies, boeken en speelgoed. Alles wordt zorgvuldig geselecteerd door werkgroepen. Alleen de mooie spullen halen het naar de kasten en de rekken. De rest gaat bij het oud papier of naar de stort. Ik ben benieuwd hoe het me zal bevallen om een winkeljuffrouw te zijn. Ik heb er veel zin in. Als het goed bevalt, heb ik wens nummer 12 van dit jaar vervuld.

Thuisgekomen maakte ik een lekker kopje soep voor mezelf en ging ik verder met het gordijn voor de hal. Dat is nu bijna klaar. Ik houd van eenvoudig handwerken. Het is rustgevend en het levert echt iets op. Het gaat natuurlijk veel langzamer dan de naaimachine, maar dat vind ik minder leuk. Het heeft iets ouderwets en huiselijks om het gordijn echt met de hand te maken en ook iets warms om zo'n grote lap op mijn schoot te hebben tijdens het werk. 

Natuurlijk werd het wel weer vroeg donker vandaag, maar de zon heeft veel goed gemaakt. 

donderdag 10 januari 2013

Thuiskomen

Als ik mijn huis binnen kom, wil ik echt thuiskomen. Daarom knap ik mijn halletje op. Het is een typisch halletje voor een huis uit de jaren dertig met een mooie tochtdeur. Tot de hoogte van ongeveer 120 cm is er een dikker stuk stucwerk.  In huizen verderop in de straat zit er op dat deel van de muur een mooie tegelwand. Ik weet niet of dat hier ook gezeten heeft. Ik vermoed eigenlijk van niet. Wellicht kom ik er nog eens achter.

Het stucwerk was grijs. Een grauwe, niet zo aangename kleur. Ik heb de muur opnieuw geschilderd met zacht crèmekleurige kalkverf. Het halletje is meteen een stuk lichter en de uitstraling is een stuk warmer. Ik heb meteen de gang maar geschilderd. Het is niet veel werk en de hele gang is mooier geworden. 

Nu staat de volgende stap op het programma: het isoleren van de ruimte. Ik kan daar een paar dingen voor doen. Ik kan een gordijn voor de deur hangen om de kou buiten te houden. Ik kan voor de brievenbus nog een borstel hangen die de tocht tegenhoudt. Er ligt nog geen passende mat op de vloer.  Dat zal ook voor meer warmte zorgen en het ziet er natuurlijk mooier uit. Ik voer dus in het halletje twee wensen uit: het wordt een mooi welkom (wens 52) en ik isoleer waar dat nog kan (wens 44).

Vanavond ben ik begonnen met het gordijn. Ik gebruik stof van gordijnen die ik al had in mijn vorige huis. Daar hingen ze in mijn eetkamer. Ze passen niet meer ik mijn woonkamer, maar ze zijn nog prachtig. Er is dus geen enkele reden om iets nieuws te kopen. Ik heb de haken los gehaald en het gordijnband met een tornmesje van de stof gehaald. Er liggen nu twee lappen klaar om aan elkaar gezet te worden. Dubbele stof houdt meer toch tegen en ik heb genoeg. Ik ga een metalen kabel gebruiken om de lap mee op te hangen. Dat maakt het voor mij makkelijk om de gordijnen op te hangen, zonder dat ik iets moet met ingewikkelde plooien. Ik vind prutsen met stof best leuk, maar ik ben geen geduldige handwerkster. Zo kan het ook.

De laatste stap is dat ik een kapstok laat maken. Daar denk ik nog over na. Het duurt dus nog even voor het klaar is, maar ik kijk uit naar het eindresultaat.


zondag 6 januari 2013

Het goede doel van januari


De Oostenrijkse Hermann Gmeiner vocht in de Tweede Wereldoorlog in Rusland. Toen hij terug kwam in zijn vaderland, zag hij hoe zwaar de vele oorlogswezen het hadden. Vermoedelijk voelde hij zich met ze verbonden, omdat hij zelf op jonge leeftijd zijn moeder had verloren. Hij besloot ze te een huis te bieden. Vanaf dat moment stond zijn leven in het teken van de organisatie die hij in 1949 oprichtte: SOS kinderdorp(en). Het eerste dorp bouwde hij in Imst in Oostenrijk en in de jaren die volgden groeide zijn organisatie gestaag. Bij zijn dood in 1986 waren er 233 dorpen in 85 landen. 

Hermann ging uit van het principe dat het leven van een kind op vier pijlers rust: een moeder, een huis, broers en zussen en een dorp. Dit idee is nog in ieder dorp te herkennen. In ieder huis is er een moeder die zorgt voor ongeveer 15 kinderen. De huizen vormen, met de school en het medisch centrum het SOS kinderdorp.

Hermann Gmeiner
Ik steun twee kinderen via SOS kinderdorpen: een jongetje in Darfur en een meisje op Haïti. Het jongetje is, getuige de brieven, een wildebras die graag buiten is en niet erg hard wil leren. Toen hij in het dorp kwam en zijn eerste foto genomen werd, was hij een verlegen mannetje dat wantrouwig in de camera keek. Een jaar later, op de tweede foto, zat hij op een bed, breeduit lachend te zwaaien naar de fotograaf. Voor mij was dit hét bewijs van het effect van SOS kinderdorpen. Het meisje is al wat ouder. Op de foto's zie ik haar langzaam in een jonge vrouw veranderen. Zij wil de verpleging in. De foto's van de twee kinderen staan op mijn schoorsteenmantel. Ik kijk graag naar ze.

De kinderdorpen zijn, behalve voor de kinderen, ook een pijler in de regio. Toen de strijd in Sudan oplaaide,  na de splitsing van het land, zochten mensen uit de omgeving steun in het dorp. Hetzelfde gebeurde na de aardbeving in Haiti van een paar jaar geleden. In de dorpen werken mensen uit de omgeving en de vraag naar voedsel, kleding en andere zaken is een stimulans voor de lokale economie. Dit is een reden waarom ik gekozen heb voor het steunen van kinderen. 

Deze maand maak ik voor beide kinderen een extra bedrag over. Dit wordt door de organisatie op hun spaarrekening gezet. Als ze 18 zijn en ze weggaan uit het dorp, hebben ze wat startkapitaal. 

Foto: www.soskinderdorpen.nl

vrijdag 4 januari 2013

Winterdiner

Een tijdje geleden had ik een diner met de dames van het huiskamertoneel. Ik besloot om er een diner van te maken met groenten van het seizoen en uit de regio.  

Ik begon met broodjes met boerenkoolpesto en boerenkooltapenade. De boerenkool kwam van de Ommelander markt. Ik kocht een grote struik voor € 0,75. Intussen heb ik er vier keer pesto van gemaakt en 1 keer tapenade. Er staat nog een deel van de struik ik een kom water op mijn terras. Het is een mooi gezicht en een handige manier om eten op voorraad te houden.
De pesto had ik al eerder gemaakt. Het is een recept van www.biobudget.nl. Ik heb er alleen kaas aan toegevoegd om het wat pittiger te maken. Ik gebruikte gekookte boerenkool (150 gram), gekonfijte knoflook (4 tenen), pecannoten (75 gram), oude kaas (naar smaak) en voegde olie toe om het geheel smeuïg te maken. De boerenkooltapenade zag ik op Youtube in een uitzending van River Cottage - Christmas (zie het filmpje onderaan de tekst). De tapenade werd gemaakt met een Italiaanse boerenkool, maar het kan goed met de Nederlandse. Ik heb overigens wel zaden van die Italiaanse kool (cabalo nero) besteld voor in mijn moestuin. Volgend jaar wil ik de tapenade maken met de 'echte' kool.

Knolselderijsoep met appel was de tweede gang. Ik haalde inspiratie voor deze soep uit een tijdschrift van Jamie Oliver. Het novembernummer van 2012 ging over kastanjes. Daar ben ik dol op en ik verzamel kastanjerecepten. Dit soeprecept is dus een extraatje in mijn zoektocht naar gerechten met kastanjes. Ik heb het iets simpeler gemaakt.
Ik bakte gesnipperde ui in olie en na een paar minuten voegde ik stukjes knolselderij (mijn laatste uit de Noordoostpolder) en appel toe. Na een paar minuten roerbakken goot ik er groentebouillon bij en dat liet ik een half uur pruttelen. Daarna ging de staafmixer in de soep om alles glad te maken. Er had crème fraîche door gemoeten, maar dat vond ik wat te vet. De volle smaak komt ook uit de selderij, als je er maar genoeg groente is. Het leukste van dit gerecht is, dat er gefrituurde salieblaadjes door gaan. Een klein laagje olie in een kleine koekenpan is genoeg. Daar gaan heel kort de blaadjes in, die daar heel knisperig van worden. Heerlijke knabbeltjes voor bij de soep.

Het hoofdgerecht van een pasta met paddenstoelen en pompoensaus. Daar is niet veel over te zeggen. Ik kookte pasta, bakte paddenstoelen met knoflook en maakte saus van pompoenpuree die ik eerder gemaakt had. Daar ging wat geraspte kaas overheen. Ik serveerde het met een veldsla met wat notendressing en geroosterde pijnboompitten. 

Voor het nagerecht was er een stoofpeer met blue stilton of slagroom. Ik had de peren heel gelaten en gekookt in een mengsel van rode wijn en water en wat kaneel. Ze waren erg mooi donkerrood geworden, een mooi contrast met de stilton of de room.

Het was leuk om te kijken of ik een mooi diner kon maken met groenten uit de streek. Eén van mijn gasten zei dat ze geen bezwaar had tegen vegetarisch eten, als het zo lekker was. Dat is, denk ik, een teken dat het goed is gelukt.



donderdag 3 januari 2013

Wens 16: Eten bij de Vietnamees

Vorig jaar had ik afgesproken met mijn vroegere buurvrouw dat we een keer bij de Vietnamees zouden gaan eten. Gisteravond wat het zo ver. Vlak voordat ik vertrek, kijk ik nog even naar het menu op de website. Dat bezorgt me twee teleurstellingen:
1. Het restaurant is op woensdag dicht.
2. Er staat wel heel veel vlees en vis op de kaart. De gerechten met ei en groenten zijn de bekende Fu Young Hai en Tjap Tjoy.

Ik bel V. op om te zeggen dat we een ander restaurant zouden moeten kiezen. Vietnamees op woensdag kan hier niet, en ik vraag me af of ik het nog wil. V. stelt voor om Indiaas te gaan eten. Na even surfen kom ik bij Kohinoor van India. Uit de kaart op hun site blijkt dat je van alles zelf kunt samenstellen. Dat lijkt me wel een spannend vooruitzicht.

Het is een eenvoudig in rood en geel ingericht restaurant. Vlak bij ons staat een grote gaskachel met daarop een olifant, die een soort ventilator op zijn rug heeft. Al draaiend verspreid die de warmte door de ruimte. Het ziet er wel vrolijk uit.

De bediening is bijzonder aardig. Op iedere tafel staan al felgekleurde dipsausjes klaar: groene munt, oranje mango en zwarte tamarinde. We krijgen papadam om in de sauzen te dopen. Ze smaken mooi en heel eigen. Ik kies een Indiaas bier, de zwaardere van de twee, om er bij te drinken. V. heeft witte wijn.

De kaart komt, maar we kijken er niet in omdat er een menu is dat ons erg aanspreekt. Een proeverij van alle mogelijke hapjes. Ik kan het allemaal niet meer opnoemen, maar het is prachtig. We krijgen als voorgerecht allebei een bord met kleine gebakken hapjes met allerlei soorten vulling. Apart op een schaal komen de gebakken champignons. En er is een frisse sla. 

Het hoofdgerecht bestaat uit kleine schaaltjes met alle mogelijke gerechtjes, Thali heet het. Ze zijn geserveerd op een ronde schaal. Op die schaal ligt ook een prachtige roos, die uit een bietje is gesneden. Er zijn linzen met garam masala, courgette in muntsaus, aubergine met honing, tuinbonen, kip, lam en garnalen. We krijgen nog wat sla en een yoghurtsaus om te koelen als het wat te heet wordt. Dat blijkt niet nodig, maar de saus is heerlijk. Het is bijzonder hoe eigen en rond de smaken zijn. Wat een keuken! Prima restaurant voor vegs.

We eten al pratend kleine hapjes met papadam of stukjes naan. Na een tijdje komt de serveerster vragen of we nog iets anders willen proeven. Iets met kaas misschien of met vruchten? Helaas, dat gaat niet meer: we zitten vol. V. sluit af met koffie en ik met Indiase thee. Ook dat is weer prachtig verzorgd op een zilveren dienblaadje, kleurrijke schaaltjes met melk, suiker, suikerspin en chocola.

Ik denk zeker dat dit niet de laatste keer is dat ik hier gegeten heb. Je kunt ook eten afhalen. Dat zal ik zeker nog eens doen. Goodbye Vietnam, Hello India.

woensdag 2 januari 2013

Gedachten over gezond eten

Het eind van 2012 was Nederland in de ban van Tom, de jongen die alleen maar rauw voedsel eet. Er waren twee documentaires over hem, Rauw (van een paar jaar geleden) en Rauwer. In de laatste documentaire kwam hij in aanraking met jeugdzorg omdat hij niet meer naar school gaat. Zijn moeder kon geen school vinden waar hij op zijn eigen manier kon eten. Hij zou uit huis geplaatst worden en dook onder. De kinderombudsman wist met jeugdzorg en de moeder van Tom tot een schikking te komen.



De moeder van Tom is overtuigd dat zij heel gezond eet. Ze heeft grondig bestudeerd wat goed is om te eten en vindt dat doktoren het bij het verkeerde eind hebben. Het lijkt misschien een beetje op orthorexia. Mensen die daaraan lijden, eten alleen die dingen waarvan ze zeker weten dat ze gezond zijn. Maar ze staat niet alleen in haar overtuiging. Ze deelt deze met veel mensen over de wereld. Op Youtube staan bijvoorbeeld filmpjes van Ka Sundance, een Duitser die met zijn gezin (www.therawfoodfamily.com) al een jaar of acht alleen rauw voedsel eet. Ze zien er gezond uit.  
Het valt me ook op dat Tom erg lekker eten krijgt. Welk kind drinkt een kokosnoot leeg of eet als snack gedroogde mango, die heerlijk zoet is? En wie weet zeker dat Tom langer zou worden als hij anders zou eten? 

Tijdens een rit in de auto van mijn werk naar huis volgde ik een discussie op de radio over Toms moeder. Daar kwamen twee belangrijke punten uit. Allereerst is het de vraag of Tom uit huis geplaatst moet worden vanwege het eetgedrag van zijn moeder. Als alle kinderen die ongezond eten uit huis geplaatst werden, had jeugdzorg behoorlijk wat te doen. Ik begreep van een rechter die ik ken, dat onlangs wel een te dik kind onder toezicht is geplaatst.  
Het tweede punt in de discussie was, dat de moeder van Tom geen maat weet te houden. Ja, er zit bijvoorbeeld kwik in vis, maar ook goede voedingsstoffen. En die krijgt Tom nu onvoldoende binnen. Vooral deze opmerking over maat houden, heeft me aan het denken gezet over mijn eigen keuzes.

Ik eet zelden vlees. Het begon jaren geleden vanwege de bio-industrie  Ik wilde geen dieren eten die hun leven lang geleden hebben om hun vlees zo goedkoop mogelijk te maken. Langzaam werd het een gewoonte. Nu eet ik alleen vlees als ik bij anderen ben of als ik het vegetarische gerecht in een restaurant niet lekker vind. En soms maak ik vlees voor mezelf klaar omdat ik er zin in heb. Eens in de zoveel maanden heb ik bijvoorbeeld zin in suddervlees. En ik wil nog eens een keer echte ossenstaartsoep maken. Ik houd niet van een levenshouding van niet of nooit of altijd. Dat is me te radicaal en te dogmatisch. 

Het is mogelijk om goed vlees te kopen bij de ecoslager en misschien is paardenvlees ook een goed idee. Geitenvlees zou misschien ook kunnen. Nu worden geitenbokjes afgemaakt omdat ze geen melk zullen produceren. Er zijn initiatieven om een aantal geiten in leven te houden voor het vlees. Als de dieren een goed leven hebben, zou je ze ook kunnen eten. Wild heeft ook een goed leven gehad, dus dat zou je moeten kunnen eten vanuit mijn beginsel. Ik weet er onvoldoende van af om zeker te weten dat het geen bezwaren heeft. Daarom laat ik het (bijna) altijd liggen.

Ik schreef al eerder over oceaanroof. Dat is een reden om geen zeevis te eten. Daarnaast is de zee zo vervuild dat je niet weet wat je binnen krijgt uit de voedselketen. Dan zou ik dus kunnen eten uit kwekerijen, als daar tenminste geen gekke dingen gebeuren. Die zijn dan vaak weer in Zuidoost Azië. Om de vissen hier te krijgen wordt weer veel kerosine verbrand. Geen goed idee voor het milieu. Van kwekerijen in Nederland weet ik te weinig om er een oordeel over te hebben. Dus eet ik uit (voor)zorg bijna geen vis.

Mijn groenten koop ik bij de ecosuper of van ecomerken in de gewone supermarkt. En ik koop meestal de groenten van het seizoen. Ik ben blij dat supermarkten op de producten zetten waar ze vandaan komen. Ik eet liever geen groenten die verder gereisd hebben dan ik. Onlangs vertelde iemand mij overigens dat de biologische landbouw op langere termijn zijn eigen problemen zal veroorzaken. De balans van voedingsstoffen schijnt verstoord te raken. Toen hij het me vertelde, snapte ik het. Het is inmiddels een tijdje geleden en ik kan het niet meer goed navertellen. Hij stelde dat het best groenten kunt eten uit de buurt. Het wordt er al met al niet eenvoudiger op. 

Maar het hoeft niet perfect te zijn, vind ik. Als iedereen een beetje voorzichtig is, hebben we samen een prachtig effect. In tegenstelling tot de moeder van Tom, eet ik een aantal dingen niet omdat ik niet weet hoe het zit. Het is een voorzorg. Gelukkig zijn er voldoende alternatieven voor een vegetariër om goed en lekker te eten. En... wie weet zit ik binnenkort aan een geitenbiefstuk (als dat bestaat....want ook dat weet ik niet :-)


Foto: NRC share

dinsdag 1 januari 2013

De laatste wensen voor 2013

Tot nu toe ben ik gekomen op 29 wensen voor het nieuwe jaar. Het was mijn voornemen om 52 wensen te benoemen, voor iedere week één. Het hoeven er natuurlijk niet echt 52 te zijn, maar het is wel leuk. En met een beetje smokkelen is het me gelukt.

Het smokkelen zit in het lezen van de romans. Als ik van iedere roman een wens maak, kom ik op 40 wensen. Dan zijn er nog 12 over:

Wens 41: Mijn vriendin A. vertelde dat de tentoonstelling is Assen prachtig is. Het gaat over de zelfpresentatie van het communisme Daar ga ik dus naar toe.
Wens 42: De tentoonstelling Nordic Art in het Groninger Museum moet ook heel mooi zijn.  Reden om te kijken. De posters geven een prachtig lichtig beeld. Ik ben benieuwd naar de rest.

Dan heb ik een aantal wensen op het gebied van het verkleinen van mijn ecologische voetafdruk. Mijn autogebruik brengt mijn voetafdruk dramatisch omhoog. Als ik dus iets aan mijn voetafdruk wil doen, moet ik beslist minderen. Ik heb de auto nodig voor mijn werk, maar nu mijn werkgever het nieuwe werken wil invoeren, kan ik waarschijnlijk wel zo nu en dan thuis werken. Wens 43: Ik ga proberen om 4 dagen per maand thuis te werken. Eén van mijn collega's leest mee op deze blog, dus ik heb iemand die kan controleren wat ik doe.
Een andere manier om mijn voetafdruk te verkleinen, is het isoleren van mijn huis waar dat nog kan: vloerisolatie en extra gordijnen: Wens 44
In de zomermaanden wil ik graag gebruik maken van de zonnewarmte om te koken en te wassen. Eens kijken wat het oplevert. Het lijkt me in ieder geval erg leuk. Wens 45
Tenslotte nog twee wensen voor het verkleinen van mijn voetafdruk. Wens 46: Ik wil 10 streekproducten uitproberen en wens 47: meedoen aan de d'ruitdaging in oktober.


Tot slot nog wat laatste wensen: 
Wens 48: Maandelijks een nieuw recept uitproberen
Wens 49: Me bekwamen in Sumi-e
Wens 50: Boeken van een cultuurreis naar Praag.
Wens 51: De laatste keer dat ik mijn fotoboek bijwerkte was 2009. Ik zou het boek weer up to date willen hebben. Dat worden dus een paar knip-en-plak-middagen. Leuk vooruitzicht
Wens 52: Ik wil mijn halletje inrichten als een welkome thuiskomst. In augustus van dit jaar kocht ik een kalligrafie van Thich Nhat Hanh: Ik ben aangekomen ik ben thuis. Rond die kalligrafie wil ik de hal vormgeven. 

Genoeg te doen voor een jaar. Genoeg om van te genieten. Genoeg om mijn leven mooier te maken dan het al is. De vorderingen zal ik hier vertellen, als een soort jaarboek. 


Gelukkig nieuwjaar.