Pagina's

woensdag 19 december 2012

Wensen voor 2013 (22 t/m 29)

Het heerlijke concert heeft me aan het denken gezet. Als ik er de tijd neem, besef ik vaak hoe geweldig ik van concerten geniet. Hoe fijn het is om mee te stromen met de muziek die door de ruimte golft. Daarom voeg ik nieuwe wensen aan mijn lijst toe: ik ga een paar concerten bezoeken. 

Ik weet al dat Andreas Scholl een nieuwe concertenreeks heeft. Dat concert is wens nummer 22
Geert Mak toert door Nederland met een verhaal en concert over de Nederlands klassieke muziek, wens nummer 23 dus. 
Ieder jaar in de zomer bezoek ik minimaal één concert op het Peter de Grotefestival. Dat wil ik dit jaar zeker weer doen. Ze hebben vaak bijzondere thema's en de locaties zijn prachtig. Wens nummer 24

De bioscoop was een paar weken geleden ook weer zo heerlijk. Ik wil komend jaar graag ieder kwartaal één keer naar de film. Dat zijn dan wensen nummer 25, 26, 27& 28. En dan tot slot nog naar aanleiding van dit concert wens nummer 29: ik ga in de zomer rondleiding doen in de Martinikerk. Het is een imposant gebouw en ik wil er meer van weten.


dinsdag 18 december 2012

Messiah

Wat een schitterend concert was het! Gisteravond ging ik met mijn dekentje-voor-concerten-in-de-kerk in mijn tas op weg. Ik had een kaart voor een uitvoering van de Messiah van Händel door de Nederlandse Bachverening. Ik was, ondanks pogingen om echt op tijd te komen, aan de late kant. De stoelen in het midden van de kerk waren al bijna vol. Ik besloot om een plekje te zoeken in de herenbanken aan de zijkant. Ik ging het trapje op, vroeg mensen of ik even mocht passeren en vond een goed plekje.

De Messiah heeft een heel bijzondere plaats in mijn leven. Mijn eerste herinnering aan een concert gaat over het koor waarin mijn moeder zong. Ze voerden de Messiah uit, of eigenlijk der Messias, met uitzondering van één aria, die de soliste per ongeluk in het Engels zong. Mijn zussen en ik mochten mee in onze zondagse kleren. Dat betekende extra lang opblijven en een voor kinderen een lange zit op de harde banken van de Joriskerk in Amersfoort. Ik herinner me nog dat ik niet helemaal begreep wat er allemaal gebeurde, maar de muziek was warm en maakte me doezelig. 

Mijn ouders hadden de Messiah op een LP en mijn moeder had, na het concert, de partituur. Luisterend naar de LP en het notenbeeld volgend in de partituur heb ik, toen ik een jaar of vijftien was, de hele sopraanpartij en alle aria's uit mijn hoofd geleerd. Het bracht mijn moeder soms tot wanhoop. Iedere keer als ik oefende, liet ik de naald op de plaat vallen op een plek waar ik de vorige keer gebleven was. De plaat heeft er wel wat krassen aan overgehouden. Maar ja, sommige dingen houd je niet tegen. Ik vraag me nu af waarom we er eigenlijk geen bandje van gemaakt hebben. Dat had wat butsen gescheeld. Op de begrafenis van mijn moeder heb ik als afscheid een van de stukken, He shall feed his flock like a shepherd, gezongen.



Zoals altijd als je in een oude kerk aan de zijkant zit, keek ik gedeeltelijk op een pilaar. De dirigent, Jos van Veldhoven, kon ik net niet zien. Zijn schaduw wel overigens, tegen een andere pilaar. Dat was een bijzonder gezicht, alsof Peter Pan voor het orkest stond. Ik moest er wel even om lachen.

Ik ben weg van de klank van het koor. Wat een vol rond geluid en wat een energie. Ik was ook erg onder de indruk van de sopraan, Dominique Labelle. Ik kende haar niet tot nu toe. Wat een ontdekking! De volle warmte die je normaal bij een alt hoort en in de zachte stukken had ze de helderheid van een jongenssopraan. Ik ga zeker eens rond kijken wat zij verder allemaal heeft gedaan. Voor mij is dit de mooiste ontdekking sinds Andreas Scholl. De alt was moeilijk te horen. Ik kon haar stem niet helemaal plaatsen. Het leek soms bijna de stem van de popzangeres. Het kan liggen aan de akoestiek of de plek waar ik zat.

Jos van Velthoven kon ik dus niet zien, maar Robert Franenberg, die de contrabas bespeelde, stond precies in mijn blikveld. Wat een prestatie, een concert van 2,5 uur staand spelen met een instrument dat een zo belangrijke rol speelt in het totaal. Hij deed die met zoveel overgave. Het was echt een feest om naar te kijken. Bij een aantal stukken kwam paukenist erbij. Hij zat aan 'mijn' kant van het orkest. Het is een mooi gezicht om een paukenist aan het werk te zien.

Een fijne, mooie avond was het, al met al. Om stil van te worden, intens blij en stil.

zaterdag 8 december 2012

Meditatie over hebzucht

De gedachten over hebzucht laten me niet los. Ergens blijft het in mijn hoofd malen dat hebzucht alleen niet het probleem is. Het is ook de zelfgenoegzaamheid: de gedachte dat je alles op eigen kracht hebt gedaan. Dat is wat de rijken uit de documentaire over Fifth Avenue zo onaangenaam maakt. Mijn ervaring is dat gedachten niet voor niets blijven hangen. Het is een teken dat ik het moet onderzoeken. Een poging:

Hebzucht gaat niet alleen over geld. Het kan gaan over waardering, status, roem. Hoeveel boeken heb je in je kast, hoeveel vrienden op het net? Het komt tevoorschijn bij de rijken tijdens de dwaze dagen van de Bijenkorf: ik wil meer koopjes dan jij. Hoe meer ik er over nadenk, hoe meer hebzucht gerelateerd raakt aan angst om te verliezen, angst om niet genoeg te hebben, angst om achter te blijven. Hebzucht als de vlucht naar voren.



Tijdens een fietstochtje dacht na over zelfgenoegzaamheid. In het eerdere blog over hebzucht staat het verhaal over het Monopolyspel, over het gemak waarmee we aannemen dat we alles aan onszelf te danken hebben. Ik realiseerde me dat ik niet gekozen heb voor de ouders die ik had. Zij hechtten sterk aan opleiding en vonden het vanzelfsprekend dat ik ging studeren. Ze hadden voldoende financiële ruimte om mij schuldenvrij te laten afstuderen. Ik heb niet zelf bijgedragen aan mijn intelligentie, die was er al. Ik heb niet zelf geregeld dat ik in dit gezin groot werd, in een warme doorzonwoning, in een nette buurt en met genoeg eten en kleding. Aan al die voorwaarden is voldaan zonder dat ik er iets voor heb hoeven doen. En daar ligt de basis voor hoe goed het me nu gaat. Het
 gevoel van zelfgenoegzaamheid heb ik net zo als de rijken van Fifth Avenue.

Ik heb best hard gewerkt en doe dat nog, maar iemand met een anders startpunt dan ik moet veel harder werken. Het kan zijn dat een ander zich jarenlang moet inzetten om te komen op het punt waar ik begonnen ben. Ik ben hier nog niet over uitgedacht, maar voor nu is het even genoeg. 

Dinsdagavond had ik mijn sanghabijeenkomst. We komen om de week bij elkaar bij een van ons thuis. Om beurten leiden we de avond. Eerst thee en dharma delen, dan een geleide meditatie, een loopmeditatie en een stille meditatie. Ik was aan de beurt om deze avond te leiden. Ik koos voor een meditatie over de hebzucht en de zelfgenoegzaamheid en vroeg de anderen met me te mediteren in de hoop dat het weer helder zou worden in mijn hart. Dit was de meditatie. 

Ik adem in en ben me bewust dat ik inadem
Ik adem uit en ben me bewust dat ik uitadem

Ik adem in en ben me bewust van mijn rijkdom
Ik adem uit en ik voel me dankbaar

Ik adem in en ben me bewust van mijn hebzucht
Ik adem uit en glimlach naar mijn hebzucht

Ik adem in en ben me ervan bewust hoe bevoorrecht ik ben
Ik adem uit en voel me dankbaar

Ik adem in en ben me bewust van mijn zelfgenoegzaamheid
Ik adem uit en glimlach naar mijn zelfgenoegzaamheid

Ik adem in en ben me bewust van mijn verlangen om los te laten
Ik adem uit en glimlach naar mijn verlangen.

Thich Nhat Hanh leert ons te glimlachen naar onze fouten. Dat is niet om ze te belonen, maar om ze te accepteren en met zachte dwang uit het centrum van ons handelen te halen. In dat centrum horen onze mildheid, ons mededogen, onze vriendelijkheid, onze troost en onze liefde. Hoe sterker die zijn, hoe meer we die voeden, hoe minder ruimte er is voor hebzucht, zelfgenoegzaamheid over andere negatieve zaken. 

Tijdens de stille meditatie kwam een lied van Thich Nhat Hanh in me op. Een van de zinnen uit dat lied is: En ik voel diep van binnen, er is ruimte in mij, ik ben vrij. Ik hoop dat dit het eerste stapje is van een lange reis naar onthechting.

dinsdag 4 december 2012

Hebzucht

Gisteravond reed ik in de auto door het donker naar huis. Op de radio een programma over het debacle van Amarantis. Twee leaseauto's per persoon, handel in derivaten, duur vastgoed op de Zuidas maar geen geld voor onderwijsvernieuwing. Dat was kort de situatieschets. De vraag was wat de rol van de accountant kon zijn in het voorkomen van dit soort drama's van hebzucht bij bestuurders. 

Een accountant belde vanuit zijn auto (te horen aan het getik van een richtingaanwijzer). Het schijnt dat de boekhouding klopte, maar de uitgaven niet. De accountant zei: Je ziet het als je het weet, maar wil je het zien als je het weet? Kortom, kan een accountant op tegen raden van bestuur die zelfverrijking door de vingers zien of er zelfs aan mee doen. Zou het echt waar zijn dat het hoofd huisvesting zijn eigen huis heeft laten opknappen op kosten van Amarantis? Dat moeten anderen dan toch geweten hebben, maar het niet hebben willen zien.
Nr 740 de duurste huizen in New York

Afgelopen week zag ik bij uitzending gemist een documentaire over Fifth Avenue, de plek waar de rijksten van de rijksten wonen. Mensen die zich in allerlei bochten wringen om zo min mogelijk belasting te betalen. Het is een droevig beeld. In grafieken komt aan me voorbij hoezeer de armen in de VS gemarginaliseerd zijn door de hebzucht van een heel kleine groep rijken. En de rijken geven een fractie van hun vermogen aan goede doelen om de menigte te sussen. Ze geven geld aan politici om te voorkomen dat belastingverhoging wordt ingevoerd, ze steunen universitaire programma's die economen opleiden in hun wereldbeeld en hebben te Tea party in het leven geroepen.

 Ze scheppen een beeld van hun succes dat ze met hun eigen werk hebben opgebouwd en verwijten armen  luiheid. Ze zouden de steun die ze krijgen als een hangmat gebruiken. De rijken zijn echt niet de enigen die denken dat ze hun rijkdom alleen aan zichzelf te danken hebben. In de documentaire komt een experiment voor. Twee mensen spelen Monopoly. Het lot bepaalt wie bevoordeeld wordt: meer geld aan het begin en meer salaris bij het passeren van start en gooien met twee dobbelstenen. De voorsprong van de bevoordeelde ligt voor de hand, en toch denkt iedereen die aan de test meedeed dat hij of zij het aan zichzelf te danken had. Zonder compassie. Ik zou dat ook hebben, net als vele anderen. Het zit in ons om te willen bezitten. 

Ik probeer me in te leven in de houding van deze rijken. Het is een beetje lastig omdat ik me weinig kan voorstellen bij een vermogen van een paar miljard. Toch weet ik dat ik in aard ook zo ben. Ik hecht ook aan mijn eigendommen. Ik denk ook dat ik mijn succes aan mezelf te danken heb terwijl er voldoende omgevingsfactoren in mijn voordeel waren. Ik weet dat ik ook zo zou kunnen zijn omdat ik alle zaden in me heb van goed en kwaad. Net als de rijken en de armen. 

Het is niet voor niets dat de Boeddha ons heeft aangeraden om niet te hechten aan bezit. Het voorkomt veel ellende. Als je weinig hebt, heb je weinig te verliezen. Dat geeft vrijheid. Ik heb het gemerkt toen ik veel spullen weg deed voor mijn verhuizing, maar ik hecht nog steeds aan mijn bezittingen. Loslaten is dan misschien goed, het is niet eenvoudig. 


maandag 3 december 2012

Amour

Na een drukke zaterdag voor mijn werk, was het zondagmiddag tijd om weer eens naar de bioscoop te gaan. Ik kom er niet vaak, maar als ik ga, vind ik het altijd weer heerlijk om een film te zien op zo'n groot scherm. Lekker in het donker, drankje, hapje en dan verdwijnen in een verhaal.

Ik had gekozen voor Amour van Haneke, dat al op allerlei plaatsen was aangeprezen als een prachtige film. Dat wat het ook, zij het in vormgeving wat ikonografisch. Het thema van de film is niet nieuw. Hoe gaat iemand om met een geliefde die aftakelt en lijdt? Ik herinner me dat er in de jaren tachtig op TV een scandinavische serie was over een vrouw die psychotisch en zeer gevaarlijk was. De familie besloot om haar niet uit een brandend huis te redden. Ik was daar toen diep van onder de indruk. Mijn klasgenote en vriendin Theanne had de serie ook gezien. We waren het er toen samen over eens: het was begrijpelijk maar toch was het moord....
















En nu? De film gaat over een echtpaar dat overtuigend een goed leven heeft. Ze leven in een mooie Parijse verdieping vol boeken en muziek. Ze lezen samen, eten samen, praten samen en gaan samen naar concerten. De toon is gezet. Dan krijgt de vrouw een hersenbeschadiging waardoor ze niet goed meer kan lopen en ze takelt af. Na enige tijd kan ze niet goed meer praten en begint het zware lijden: ze heeft pijn. De man zorgt voor haar, samen met verpleegkundigen. Hij verdedigt haar zorg met hand en tand.

De scenes waarin het dat doet, zijn voor mij de mooiste delen van de film. Hij vertelt zijn verhaal met een prachtige ingehouden woede. En het is duidelijk: zijn vrouw blijft bij hem en hij zorgt voor haar. Als zij op een bepaald moment weer roept dat ze zo'n pijn heeft,  troost hij haar met een (droevig) verhaal uit zijn jeugd en daarna verstikt hij haar met een kussen. Hij maakt het huis mooi, legt bloemen bij haar neer en vertrekt.

Dit is ook liefde: mensen de mogelijkheid bieden om te sterven. Ik kan het niet anders zien. Gelukkig is het geen taboe meer tegenwoordig. Ik verwonder me de afgelopen jaren over het verzet tegen euthanasie. Hoort het bij angst voor de dood? Artsen kunnen het leven van mensen eindeloos verlengen, ook als het een pijnlijk leven is. Verlengen mag wel en beeindigen niet, terwijl het twee kanten zijn van dezelfde medaille: de gevolgen van ziekte. Ik hoop ooit, in de verre toekomst (dat hoop ik ook want ik houd van het leven), te kunnen sterven als ik daar aan toe ben. Dat die zelfbeschikking me gegund is zoals ik die aan anderen gun.